Geschiedenis van het Café

 

logo dhc

 Sylvia Plette

Sylvia Plette, was bestuurslid van 1 januari 2015 t/m 1 april 2017, geboren en getogen in Deventer. Gaf tien edities van het Deventer magazine uit, met daarin volop aandacht voor de historie van de stad. Het magazine Koekmag staat tijdelijk ‘on hold’, de interesse in de historie van de stad is er niet minder om. Opgegroeid op de Worp, zodoende duizenden keren kunnen genieten van de skyline van Deventer. Al was constant die brug over fietsen – vooral met tegenwind – niet altijd een hobby. Het uitzicht op de Lebuinustoren is geweldig, vooral omdat je in de binnenstad al die mooie stadstuinen dan zo goed kunt zien die op de begane grond geheim blijven, omdat ze vaak verscholen liggen achter een hekken of huizen. Uiteraard blijft Sylvia nauw betrokken bij het café.

Sylvia2

 BESTUURSSAMENSTELLING JANUARI 2015-APRIL 2017

2015 10 10 Bestuur1v.l.n.r. Tina, Arno, Ruud en Tina

Rinus Jansen benoemd tot Erelid

Op 15 juni 2016 ontving Rinus Jansen het erelidmaatschap van het Deventer Historisch Café. Rinus was de afgelopen jaren de meest trouwe bezoeker van het café, altijd op tijd en een actief deelnemer aan de verhalen over de geschiedenis van Deventer. 

 Rinus Jansen foto

 

Het Bestuur 2010-2014

Met hart en ziel heeft het oud-bestuur - Juut de Visser, Charles Boissevain, Jan Eeftink en de helaas overleden Herman van Amelsvoort - van het Deventer Historisch Café ervoor gezorgd dat dit prachtige initiatief is opgericht en in de huidige vorm elke maand weer een heerlijke plek is om te netwerken.

Oud bestuur  Jan Eeftink, Juut de Visser en Charles Boissevain

 

Charles Boissevain over het café: 

   Charles    Charles Boissevain       jan Eeftink    Jan Eeftink

De vraag naar het verhaal van de Haagse voorloper van ons Deventer Historisch Café brengt mij op het internet bij Google. Na het intikken van ‘Historisch Café’ ontvouwt zich een palet aan nazaten in de meest uiteenlopende steden: Amsterdam, Haarlem, Amersfoort, Utrecht, Naarden en zelfs in het CODA in Apeldoorn. Er zijn er nog meer, maar die hebben niet allemaal een website. Na 4,5 jaar heeft het Historisch Café Deventer nu ook zijn website. Hulde! Het kan de betrokkenheid onder de doelgroep alleen maar vergroten. De diverse historische cafés hebben een variëteit aan activiteiten, die mogelijk Deventer ook kunnen inspireren. Maar, hoe zit dat nou met die ‘nazaten’? Nazaten waarvan?

In 1988 zijn Jan Eeftink en ik werkzaam bij het Haags Gemeentearchief. Er is in die tijd behoefte aan meer afstemming van de activiteiten die de vele verenigingen, stichtingen en geïnteresseerde vrijwilligers ondernamen. En ook behoefte aan publiciteit voor al die evenementen en de lokale krant had behoefte aan verhalen. De lokale geschiedschrijving is in die tijd enorm in opkomst, ook bij niet professionele beoefenaars. Ach Lieve Tijd is in heel Nederland zeer succesvol en net achter de rug. Het losbladige systeem heeft de lokale geschiedenis ‘gedemocratiseerd’. Als voorzitter van het Haags Historisch Overleg beoogde ik een formele afstemming van de Haagse geschiedkundige activiteiten, maar de beste ideeën worden toch geboren en uitgewisseld in het informele circuit. In samenspraak met de Haagsche Courant-journalist, die verantwoordelijk is voor de lokale achtergrondartikelen, ontstaat het idee voor het Haags Historisch Café.

denhaag01   

We willen van alles en iedereen die actief is op lokaal historisch terrein met elkaar verbinden. Oud met jong. Professionals met amateurs en werkenden met werkzoekenden. Bestuurders met uitvoerders. De verenigingen en stichtingen hebben via het café een lage drempel om met een journalist in contact te komen en laatstgenoemde krijgt de onderwerpen voor zijn artikelen in grote mate aangereikt. Verder willen wij er als organisatie zo weinig mogelijk werk aan hebben. Soms regelen we de spreker bij aanvang van het café! Nooit een probleem. Want een ander principe van de formule is, dat je gebruik maakt van iemands aanwezige kennis en dat je hem/haar vraagt slechts een enkele krent uit de pap voor te schotelen. Alle voorbereiding en lange verhalen slaan namelijk dood…. En het woord ‘beleid’. Het losse en onverwachte geeft een spontane en soms humoristische sfeer. En omdat het ook een soort afsluiting van de werkweek is, is die ontspannen sfeer in combinatie met een drankje belangrijk. Vervolgens is het dan ook geen probleem om precies na tien minuten de scheepsbel van het museumcafé van het Schevenings Museum te luiden. Alles ‘met een knipoog’ dus.

Net als Johan bij ons, staan (na 26 jaar nog steeds!) 2 vrijwillige dames in het zeer sfeervolle Scheveningse museumcafé de Halve Vleet een uiterst gunstig geprijsd pilsje te tappen. Daar staat dan nu wel een bijdrage van € 2,50 per persoon tegenover om de ruimte te kunnen huren. Ook daar is een potje, maar in Den Haag zijn ze wel blijven steken bij de pinda’s! Twee ‘aanpalende activiteiten’ herinner ik mij nog goed. In de beginjaren gingen we na afloop van het historisch café met een man of vijftien nog ergens een hapje eten. En we hadden een zaalvoetbalteam, dat jaarlijks tegen het Gemeentearchief en tegen het Rijksarchief speelde. We speelden in een zelfontworpen T-shirt, dat gretig aftrek vond onder de cafébezoekers.

                                                denhaag02                                                       denhaag03 

In mijn tijd bij het Maritiem Museum Rotterdam nam ik deel aan het Historisch Café Rotterdam. Zaaltje in het Gemeentearchief, TL-buizen, veel tafeltjes met een flesje pils en met stoelen waar niemand vanaf kwam, ellenlange verhalen en een ambtenaar die een kwartier voor tijd het einde aankondigt. Nee, die stille dood is begrijpelijk geweest en zo wordt het nooit een ‘Instituut’ als in Scheveningen en inmiddels ook in Deventer!

 

AfdrukkenE-mail